Leeftijdsfase 9e-klasser (14-15 jaar) met impressies van ontwikkelingsstof

De kindertijd is definitief voorbij. Het eigene van de persoonlijkheid komt te voorschijn. De jongere kan nu denkend de wereld gaan doorgronden en zich er een eigen mening over vormen. Het vermogen tot redeneren wordt verder ontwikkeld.
Er is veel onzekerheid en disbalans en er gaat veel invloed uit van de groep. Het vermogen om je eigen positie te bepalen, eigen keuzes te maken en daaraan innerlijke zekerheid te ontlenen, vraagt om gerichte ontwikkeling. De leerstof biedt ondersteuning door helder en consequent richting te wijzen. Een ander kenmerk van deze leeftijdsfase is het leven in uitersten. In veel lessen wordt humor gebruikt als pedagogisch middel om de sfeer te verluchtigen en te leren relativeren.
Hieronder staan impressies van enkele periodes en vaklessen.

Periode wiskunde, Cirkelmeetkunde

De cirkel is een weerspiegeling van de perfectie, eenheid en heelheid van de wereld en van onszelf. Onbewust kan de puber, die alle zekerheden van de kindertijd heeft verloren, de eenheid van de cirkel als houvast beleven. Kenmerken van de Griekse wiskunde worden behandeld evenals de relatie tussen cirkelbogen en hoeken. Het getal pi wordt geïntroduceerd. Verder wordt er geoefend met het berekenen van omtrek en oppervlakte van figuren die worden begrensd door cirkelbogen. Raaklijnconstructies en veel andere constructies doen een beroep op de precisie, terwijl bewijzen van stellingen een beroep doen op het logische denken.

Periode Nederlands, Spanning en humor

Humor is een goed medicijn tegen de dramatiek van het leven. De leerlingen leren relativeren en hun eigen gevoel te nuanceren. Ze ontdekken schijn en werkelijkheid. Ze leren dat wat gezegd wordt en dat wat bedoeld wordt van elkaar te onderscheiden. Een lach en een traan hebben altijd veel met elkaar te maken gehad. Ze lezen, luisteren en kijken naar humoristische fragmenten in verschillende genres.. ‘Wat vind ik leuk en waarom?’ is een van de vragen die de leerlingen in deze periode beantwoorden.

Periode Nederlands, Verlichting & Romantiek

In de periode Verlichting & Romantiek leren de leerlingen de kwaliteiten van het denk- en gevoelsleven kennen en waarderen. Ze ontdekken welke invloed de ontwikkeling van het denken heeft gehad op de literatuur in de tijd van de Verlichting. Ze lezen fragmenten uit verschillende literaire genres zoals het imaginaire reisverhaal of de briefroman. Ze stellen zich de vraag of de wijze lessen in de werken uit de Verlichting vandaag de dag nog geldig zijn.
Ze leren dat de Romantiek veel meer inhoudt dan het woord romantisch doet vermoeden. De leerlingen schrijven zelf romantische verhalen en gedichten en luisteren naar verhalen van grote namen uit de literatuurgeschiedenis, zoals het liefdesverhaal ‘Saïdjah en Adinda’ uit de Max Havelaar van Multatuli. De leerlingen gaan inzien dat de literatuur niet losstaat van de geschiedenis.

Vaklessen Toneel

Het typetjestoneel met zijn uitvergroting van eenzijdigheden komt volledig tot zijn recht in de 9e klas. Als uitgangspunt kunnen de personages uit de commedia dell’arte dienen. Soms wordt een bijpassend stuk gespeeld of gedramatiseerd. Ook worden de zeven hoofdzonden, de schaduwzijden van de ziel, wel als uitgangspunt genomen.

Periode kunstgeschiedenis, Oudheid tot en met Renaissance

De leerlingen groeien de wereld van de volwassenen in en beginnen steeds meer te individualiseren. Hun eigen ontwikkeling zien ze gespiegeld in de kunstgeschiedenis. Deze toont hen de ontwikkelingsgang van de mensheid, waarin een toenemende individualisering zichtbaar wordt.
De 9e-klassers krijgen een periode kunstgeschiedenis van vier weken. Ze verdiepen zich in de kunst en cultuur van de oude Egyptenaren, Grieken en Romeinen, het vroege christendom, de Renaissance en de barok. De gehele ontwikkeling van de Egyptische grafschilderkunst tot en met de portretten van Rembrandt wordt door de leerlingen beleefd, beschreven en getekend.

Vaklessen Tekenen en schilderen

Het onderwerp is het menselijk gelaat. Het wordt belicht vanuit de proportieleer, de karikatuur en werken van Rembrandt. Met passende technieken worden de verschillende gezichtspunten verbeeld. Er wordt gewerkt met zachte pastels, acrylverf en zacht potlood.

Vaklessen Metaalbewerken

In de 9e klas wordt in het metaalbewerken bijna letterlijk de wil gestaald. Uit een stuk gereedschapsstaal zagen en vijlen de leerlingen met precisie een tang of hamer. Er is grote concentratie nodig om technisch vakwerk te leveren. Het geeft de leerlingen veel voldoening als ze een echt stuk gereedschap hebben vervaardigd.

Winkelstage

In aansluiting op de ontwikkelingsstof van de periode economie doen de 9e-klassers een winkelstage. Ze zoeken in principe zelf een stageplaats. Dit bevordert de ontwikkeling van hun assertiviteit en initiatiefkracht. Tijdens hun stage leren ze zoveel mogelijk facetten van het winkelbedrijf kennen en voeren ze vele opdrachten uit. Na afloop van hun stage leveren de leerlingen een uitgebreid stageverslag in, met beantwoording van een onderzoeksvraag die zij van tevoren hebben opgesteld.