Leeftijdsfase 10e-klasser met impressies van ontwikkelingsstof

Vanaf het 15e/16e-levensjaar krijgt het eigen innerlijke leven meer kracht en vorm. De puberteit is grotendeels doorleefd, er ontstaat ruimte in de eigen binnenwereld en een nieuwe, innerlijke motivatie voor het leren. De jonge mens begint een zekere objectiviteit ten opzicht van de omgeving te ontwikkelen. Binnen- en buitenwereld raken meer op elkaar afgestemd. Nuancering van de extremen en een intiemer meeleven met de processen in henzelf en om hen heen worden mogelijk.

In het sociale leven ontstaat bewustzijn van het eigene van zichzelf en van de anderen in de groep. Er ontstaan gevoelens van vriendschap en respect voor de ander. Tevens ontstaat vanuit dit gevoel openheid voor grote idealen.
Voor de verdere ontplooiing van het oordeelsvermogen is het ontwikkelen van inzicht noodzakelijk. Analyse, ordening en synthese zijn een hulp bij het zelfstandig leren zien van samenhangen. In de natuurwetenschappelijke periodes wordt de stap gemaakt van het waarnemen van de verschijnselen naar de wetmatigheden daarvan. Hieronder staan impressies van enkele periodes en vaklessen.

Periode biologie, Menselijke organen

Met de toegenomen innerlijke ruimte krijgt de 10e-klasser toegang tot de fijnere nuances van de levensprocessen. In deze periode wandelen we door het ‘natuurgebied’ dat we allemaal met ons meedragen. De leerlingen verdiepen zich in de concrete bouw en werking van de organen. Ook krijgen ze inzicht in de werking van de bloedsomloop, spijsvertering en ademhaling. Biologische processen worden helder doordacht en functioneel verklaard. Daarnaast is er aandacht voor de schoonheid die wij aan de levensprocessen kunnen beleven.

Periode wiskunde, Ruimtemeetkunde

Zie de leerlijn meetkunde.

Periode Nederlands, Middeleeuwse literatuur

In deze periode zien de leerlingen hoe het driftleven van de mens kan worden opgevoed. Van ruwe vechter ontwikkelt de ridder zich tot hoofse, galante man die zichzelf in dienst kan stellen van een vrouwe. Ook het beschouwelijke leven en werken in een klooster komt naar voren. Hierbij wordt het evenwicht tussen leven voor God en de wereld afgetast. In de Brits-Keltische ridderromans komt het leven van Arthur en zijn ridders aan de orde, evenals de idealen waarvoor zij streden. De leerlingen verplaatsen zich in die tijd en schrijven vanuit verschillende personages. Ook lezen ze verschillende Middeleeuwse werken.

Periode aardrijkskunde, Weer en klimaat

De leerling gaat zich verdiepen in de processen die zich afspelen op en rond de aarde, in de oceaanstromen en in de atmosfeer. Deze processen zorgen voor weer en klimaat en de veranderingen daarin. Ook onderzoeken zij het ontstaan van de verschillende landschapszones op aarde . Er wordt gediscussieerd over de invloed van de mens op het klimaat

Vaklessen Tekenen en schilderen

De leerlingen leggen zich toe op het exact natekenen van een tekening uit de Renaissance. De tekening vormt vervolgens het uitgangspunt voor een serie schilderijen in aquarel en in plakkaatverf. Bij de uitvoering wordt gelet op kleurgebruik en ontwikkeling van het beeldend vermogen.

Vaklessen Houtbewerken

Het vak meubelmaken wordt beoefend. De leerling vervaardigt een kastje of kistje met zwaluwstaartverbindingen. Via de ontwerpschets en de technische tekening in drie aanzichten wordt de constructie op papier geoefend. De planken worden machinaal gezaagd en geschaafd. Het handmatig vervaardigen van de zwaluwstaartverbindingen stelt hoge eisen aan het praktisch inzicht en de precisie.

Vaklessen Textiele werkvormen

Het uitgangspunt is mode en kleding. De leerlingen krijgen inzicht in mode- en materiaalgeschiedenis. Ze nemen een kledingstuk mee naar school, bv. een oud jasje van een familielid. Het meegebrachte kledingstuk ondergaat een metamorfose en wordt op creatieve wijze grondig veranderd. Er zijn mogelijkheden om met verschillende technieken te weven. Ook kan er worden gevlochten, gehaakt en gebreid.

Stage bij een bedrijf of instelling

In aansluiting op de ontwikkelingsstof van de periode economie doen de 10e-klassers een stage bij een bedrijf of een instelling. De afgelopen jaren vervulde een groep leerlingen hun stage in het buitenland. Evenals bij de winkelstage zoekt de leerling in principe zelf een stageplaats. Tijdens hun stage maken ze kennis met vele facetten van het bedrijf of de instelling. Na afloop van de stage levert de leerling een uitgebreid stageverslag in, met beantwoording van een van tevoren geformuleerde onderzoeksvraag.
Voor leerlingen die het vmbo-tl-diploma willen halen, is het stageverslag tevens hun sectorwerkstuk.